De acht mooiste historische overnachtingslocaties in Vlaanderen

De 8 mooiste historische overnachtingslocaties in Vlaanderen

DOOR

Marchien den Hertog

Slapen in een kathedraal, een middeleeuwse gevangenis, een landloperskolonie of een clubhuis waar soldaten bijkwamen van de gruwelen van de Grote Oorlog. In Vlaanderen kunt u overnachten tussen muren die zachtjes fluisteren over een verloren verleden, dat met liefde in ere is hersteld.

Een middeleeuws sprookje

Nuit Blanche in Brugge

Waar?

Hartje Brugge, naast de ‘liefdesbrug’ en tegenover de Onze-Lieve-Vrouwekerk, ligt een rij middeleeuwse huisjes. In een ervan heet een kunstenaar zijn gasten een warm welkom.

Wat?

Guesthouse met twee kamers en een bijzonder driegangenontbijt.

Waarom?

Houten ledikanten en een zandstenen haard, een plankenvloer en gotische glas-in-loodruitjes, maar ook een beamer, minibar en moderne badkamer – de omschrijving ‘middeleeuws sprookje’ valt vaak, en niet ten onterechte. De twee kamers kijken uit op de Onze-Lieve-Vrouwekerk en een ommuurde tuin, die in de avond alleen toegankelijk is voor de gasten.

Historische sensatie

Onder meer vanwege die verscholen tuin logeerde Winston Churchill hier, en het Belgische koningspaar Albert en Paola bracht er de huwelijksnacht door. Maar in het heel prille begin van hun bestaan huisvestten de huisjes terdoodveroordeelden. Over een houten ‘bruggetje der zuchten’, begin twintigste eeuw vervangen door de Bonifaciusbrug, maakten ze hun laatste gang naar de galg.

Later bood de plek onderdak aan de nijverheid die Vlaanderen in de vijftiende en zestiende eeuw rijk en welvarend maakte: een leerlooierij en stoffenververij. Tot de Nederlandse Opstand tegen Spanje roet in het eten gooide, Vlaanderen zijn welvaart verloor aan het Noorden, maar er na enkele decennia een katholieke renaissance werd geïnitieerd die aan de basis stond van de Barok.

B&B Nuit Blanche
A Groeninge 2, Brugge
T +32 494 40 04 47
W www.bb-nuitblanche.com

In het hart van de Barok

De Koning van Spanje in Antwerpen

Waar?

Een poorthuisje achter de kathedraal van Antwerpen geeft toegang tot een groepje vijftiende-eeuwse huizen die in de zestiende eeuw met in-, aan-, over- en ombouwen zijn samengevoegd tot een grote koopmanswoning.

Wat?

Gastenverblijf met vier kamers en luxe badkamers (stoomdouche en bubbelbad). De gastvrouw serveert ontbijt, diner en high tea, en omdat ze ‘patisserie en cuisine’ studeerde aan de befaamde Parijse kookschool Le Cordon Bleu lijkt dat ons een buitengewoon aantrekkelijk idee.

Waarom?

Een persoonlijke favoriet vanwege de grote liefde voor hun erfgoed die de eigenaars uitdragen – al geldt dat voor alle logementen op dit lijstje. Ook hier een enclave met tuin in een bruisende stad. In de kamers houten balken boven een Engels aandoende inrichting (gebloemde spreien), maar vooral een duizelingwekkende historie. Tegenover De Koning van Spanje liggen namelijk het Consienceplein (‘het mooiste pleintje van Antwerpen’) en de Carolus Borromeuskerk. Deze jezuïetenkerk moest de wederopstanding van het katholicisme bekronen, en deed dat zo overtuigend dat de rijke kloosterorde er bijna failliet aan ging.

Historische sensatie?

En daarmee zitten we meteen in het hart van de Barok. Die wortelt immers in de tijd dat Spanje de Zuidelijke Nederlanden terugeiste voor het katholieke geloof. In 1556 komt de naam ‘Koning van Spanje’ voor het eerst in de archieven voor. Dan worden de zeven huizen, het steegje en de binnentuin gekocht door de Antwerpse koopman Michiel van Breen.

Van Breen was assistent van Melchior Schetz, die met zijn broers behoorde tot de machtigste kooplieden van Antwerpen en handelde over de hele wereld. Gaspar Schetz was schatbewaarder van de Spaanse koning en vertegenwoordigde de handelsbelangen van Filips II in Antwerpen. Door de eigenaar die zo verbonden was met de groten der aarde werd het huis dan ook omgetoverd tot een luxe paleisje.

De Koning van Spanje
A Korte Nieuwstraat 12, Antwerpen
T +32 473 31 29 98
W www.dekoningvanspanje.be

Langs bruggen en kanalen

Côté Canal in Brugge

Waar?

Aan het Groene Kanaal in Brugge liggen twee panden uit de achttiende eeuw: Côté Canal and Huyze Hertsberg. Het kanaal is een van de zogeheten ‘reien’, een netwerk van pittoreske grachtjes in de Brugse binnenstad.

Wat?

Vier kamers/suites met badkamer. Voor de gasten is er een aparte keuken. Het riante ontbijt kan genuttigd worden in de prachtige tuin.

Waarom?

De entree ligt aan een smal donker straatje, de kamers en de achterkant van het huis kijken uit op die tuin, op het kanaal en op alweer zo’n mooi bemost Brugs bruggetje. De kamers zijn hoog, ruim en licht, met lange gordijnen en tapijten aan de muur. De familie van de eigenaresse woont hier al vier generaties – ze heeft het voorouderlijk meubilair van zolder gehaald en opgeknapt om het hotel in te richten. Voor de liefhebbers: het hotelletje was het decor voor een spectaculaire achtervolgingsscène aan het eind van de film In Bruges (2008) met Colin Farrel, Ralph Fiennes en onze eigen Thekla Reuten.

Historische sensatie?

Maar dat is natuurlijk niet de historische associatie die we zoeken. Die ligt vooral in de middeleeuwse oorsprong van dit waterrijke deel van de stad, waar de eerste vestingwerken van Brugge werden aangelegd. In de eeuwen die volgden zijn de grachtjes gedempt en overwelfd, maar nog steeds ademt alles hier de Middeleeuwen.

In de twee huizen aan de Hertsbergestraat verbleven aanvankelijk geestelijken van de Sint-Donaaskathedraal, ooit de grootste kerk van Brussel. Toen die in de Franse tijd werd vernietigd woonden er magistraten, bankiers en notarissen. In de twintigste eeuw mocht Churchill – daar is hij weer – hier in de buurt graag een Brugs grachtje schilderen.

Overigens woonde hier tot zijn overlijden in 2016 een labrador met een eigen Wikipedia-lemma – zo vaak werd hij door langsvarende toeristen gefotografeerd. Een blik op Facebook leert dat zijn plek aan het raam onlangs is ingenomen door een droevig kijkende zwerfhond uit Spanje.

Côté Canal
A Hertsbergestraat 10, 8000 Brugge
T +32 42 68 05 37
W www.bruges-bedandbreakfast.be

Een ketel met soep of – of een boefje

De Waterzooi in Gent

Waar?

Een achttiende-eeuws pand kijkt uit op het Gravensteen, het kasteel van de graven van Vlaanderen. Het logement is genoemd naar een beroemd restaurant dat hier 150 jaar huisde.

Wat?

Een vakantiewoning voor vier personen en drie zeer comfortabele suites, met regendouche, terras en uitzicht op de burcht. De eigenaren kunnen een rondvaart verzorgen met hun eigen bootje.

Waarom?

Witte strak gesteven bedden op spuugafstand van het oudste middeleeuwse kasteel in Vlaanderen. Ontbijt aan een lange tafel in een lichte eetzaal. Het oude pand is met veel zorg gerestaureerd en modern ingericht. Tijdens de verbouwing zijn onder het huis middeleeuwse tombes ontdekt, een prachtig gewelfde kelder en de restanten van de kerk die hier ooit stond.

Historische sensatie?

Nou, die Sint-Veerlekerk dus, de dertiende-eeuwse hofkerk van de Vlaamse graven waarvan de resten in het metselwerk van Huis De Waterzooi zijn terug te zien. Dat werd gebouwd in de achttiende eeuw, maar kreeg ter ere van de Wereldtentoonstelling in 1913 met andere huizen aan het plein een leuk zestiende-eeuws geveltje – als u het nog kunt volgen.

En dat plein brengt een tweede, wat gruwelijker sensatie door de wetenschap dat dit de enige plek was waar valsemunters werden gestraft – door ze te koken in een ketel heet water. Ook Jan van Hembyse, aanvoerder van de kortstondige calvinistische republiek Gent, moest zijn overtuiging hier in 1584 met zijn hoofd bekopen. Waarna Gent weer helemaal klaar was voor de katholieke renaissance van de aartshertogen Albert en Isabella.

Het restaurant dat hier vanaf 1869 zat verwierf zijn faam door het gelijknamige beroemde Gentse gerecht: een vissoep met aardappels, groenten, ei en room – naar verluidt het favoriete gerecht van Karel V.

De Waterzooi
A Sint-Veerleplein 2, Gent
T +32 475 43 61 11
W www.dewaterzooi.be

Koopmanshuis met kunst en krullen

Hotel Verhaegen in Gent

Waar?

We blijven in Gent, nu in een koopmanswoning gebouwd aan het begin van de achttiende eeuw en vijftig jaar later gepimpt in de nieuwste rococostijl uit Frankrijk. Denk hoge ramen en plafonds, veel symmetrie en een klassieke siertuin.

Wat?

Vier buitengewoon luxe kamers, een salon voor de gasten, gebruik van de tuin en een fitnessruimte.

Waarom?

Alleen al om te ontbijten in de oogstrelende eetzaal met azuurblauwe lambrisering, vergulde kroonluchter en goudomrande herderstaferelen op de muur. En dan koffie te drinken in de tuin, die op zich een monument is met zo’n typisch elegant tuinhuisje. Het hotel is ingericht door twee binnenhuisarchitecten die moderne kunst en de authentieke details van het huis moeiteloos mengen tot een fijn geheel.

Historische sensatie?

Het Huis Verhaegen ademt de eeuw waarin het is gebouwd en de handel met Azië bloeide. Hier aan de kade werden de kostbare zijde en andere exotica uitgeladen. De kamers hebben dan ook Chinees behang vol kraanvogels, pauwen, bomen en bloemen. Verder veel wit en gouden stucwerk, romantische muurschilderingen en schilderijen die voor twee derde bestaan uit wolkenlucht.

In de negentiende eeuw woonde hier de naamgever van de patriciërswoning, alleskunner baron Arthur Verhaegen. Als een Belgische pendant van Pierre Cuypers bouwde hij neogotische gebouwen voor de katholieke gemeenschap, en maakte glas-in-loodramen voor bouwwerken in heel Europa.

Hotel Verhaegen
A Oude Houtlei 110, Gent
T + 32 92 65 07 65
W www.neooselonneo.be

Kleurrijke kloosterkerk

Martin’s Patershof in Mechelen

Waar?

In de stad die kan bogen op het paleis van Margaretha van Oostenrijk en acht kerken die een bezoek waard zijn, waar maar liefst twee altaarstukken van Peter Paul Rubens hangen, is een negentiende-eeuwse kerk omgebouwd tot hotel.

Wat?

Tientallen kamers in vijf verschillende gradaties van luxe, een bar en lounge, vergaderruimte en een patio.

Waarom?

Slapen in een neogotisch walhalla omringd door caleidoscopisch glas-in-lood. Het hotel is onderdeel van een keten, maar is met niet minder zorg en aandacht gerestaureerd dan de particuliere gastenverblijven in dit lijstje. Pilaren en bogen van de kerk komen overal terug en daardoor is geen slaapkamer hetzelfde. Al met al een hemelse ervaring, aldus de beheerders van het hotel.

Historische sensatie

Als gast wordt u hier omringd door het oude katholieke erfgoed van de Barok en het nieuwe van de neogotiek.

De minderbroeders die hier vanaf de negentiende eeuw een kerk en klooster beheerden waren in 1231 de eerste mannelijke kloosterorde die zich in Mechelen vestigde. De orde was populair vanwege haar zorg voor de zieken en de armen, maar werd net als alle geestelijken door de Franse revolutionairen verjaagd. Na de Belgische onafhankelijkheid waren kloosterordes weer toegestaan en in 1867 werd de eerste steen gelegd voor de Paterskerk.

De broeders floreerden hier tot de tweede helft van de twintigste eeuw, maar moesten in 1999 omzien naar een kleinere locatie. Wat te doen met hun gebouwen? De kerk en het aanpalende klooster waren in het verleden een toevluchtsoord waar iedereen welkom was. Een hotel moet deze bestemming ook in de toekomst garanderen.

Martin’s Patershof
A Karmelietenstraat 4, Mechelen
T +32 15 46 46 46
W www.martinshotels.com/nl/hotel/martins-patershof

Liefdadig landschap voor landlopers

Kolonie Hotels in Merksplas

Waar?

De sociale zorg van de kerk krijgt in de negentiende eeuw een pendant van particulieren en overheid; in Nederland en België worden begin negentiende eeuw zeven Kolonies van Weldadigheid aangelegd. Die in Drenthe kennen we, maar wie weet dat ook net over de grens bij Turnhout armen en criminelen al dan niet gedwongen werden opgevangen? De paardenstallen van de Grote Hoeve in de Merksplas-Kolonie zijn nu omgetoverd tot hotel.

Wat?

Zes kamers en een suite. Het boerderijcomplex biedt ook onderdak aan vergaderzalen, een brasserie, het bezoekerscentrum van de kolonie en fietsverhuur.

Waarom?

Het hotel bevindt zich midden in deze wonderlijke vorm van negentiende-eeuwse liefdadigheid: tussen de cipierswoningen, boerderijen, een schooltje, het typische kolonielandschap met kaarsrechte wegen en vennen waar klei en turf werd gewonnen. Het recent geopende bezoekerscentrum licht de geschiedenis toe, er zijn een rondleiding en een fietstocht langs de verschillende voorzieningen die de kolonie bood. Daar wordt de curieuze mengeling van goede bedoelingen en paternalisme meer dan duidelijk.

Historische sensatie

Want verbazing en mededogen zijn toch de eerste gewaarwordingen die de bezoeker bekruipen bij een blik op de grafstenen zonder naam op de kerkhoven waar duizenden bewoners rusten. Rust, tucht, reinheid en regelmaat was hier het credo. De Landloperskapel – ja, heus – is gewijd aan Onze-Lieve- Vrouwen Hemelvaart – ook hier is het katholieke geloof dichtbij. Het gebouw is zo geplaatst dat de landlopers vanuit hun slaappaviljoen de mis in konden lopen. In de kelder zit nu het Gevangenismuseum.

Kolonie Hotels
A Kapelstraat 10, Merksplas
T +32 14 42 64 62
W www.koloniehotels.com

Een thuis ver van huis

Talbot House in Poperinge

Waar?

We eindigen in de Eerste Wereldoorlog, in het kleine stukje België dat een tijd onbezet bleef. Hier huurde een Britse aalmoezenier het achttiende-eeuwse huis van een rijke brouwer en maakte er een clubhuis van, waar Engelse militairen even konden bijkomen van de smartelijke loopgravenellende. Nu is het een museum, waar u ook kunt overnachten.

Wat?

Zes kamers in het huis zelf, en nog eens drie in het tuinhuis – alle genoemd naar mensen die de afgelopen honderd jaar iets voor het huis hebben betekend. Er is een wastafel, maar douche en wc op de gang moet u delen. Voor 5 euro extra is het ontbijt dan wel weer uit te breiden naar full English: met eieren, spek, worstjes, champignons – de soldaten van toen konden er alleen maar van dromen. In de hopschuur, waar ooit de manschappen sliepen, is nu een museum gevestigd over Poperinge in de oorlog en het dagelijks leven in en om de loopgraven.

Waarom?

Niet om de flatscreens, regendouche, thuisbioscoop of satijnen beddengoed – al hebben de bedden nu wel lakens, in tegenstelling tot honderd jaar geleden. Wel omdat de geschiedenis in dit levende museum van de muren af druipt. Omdat iedere gast net als de soldaten van toen een kop thee wordt aangeboden. Omdat het nu en toen een welkom biedt aan iedereen; rangen en standen tellen hier niet.

Historische sensatie

Waar zullen we eens beginnen? In de kerk op zolder, waar soldaten spirituele steun zochten bij het altaar – een werkbank uit de schuur? In het hoekje van de gang waar boodschappen aan vermiste makkers konden worden achtergelaten, in de vaak ijdele hoop dat ze die ooit zouden vinden? In de tuin, waar de mannen zich even terug konden wanen in het groene Engeland?

Poperinge, niet ver van de hel van Ieper, was het zenuwcentrum van de geallieerden. Een kwart miljoen soldaten passeerden het stadje, dat zinderde van cafés, bioscopen, concertzalen, clubs en bordelen. In Talbot House, dat zorgvuldig is teruggebracht naar het jaar 1917, vonden honderdduizenden troost in een kop thee, sigaretten, kranten en de kans om een brief naar huis te schrijven.

Talbot House
A Gasthuisstraat 43, Poperinge
T +32 57 33 32 28
W www.talbothouse.be

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, sturen wij dit magazine naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.

Deel dit artikel: